De nacht. Het was een tijdje van ons geweest. Volledig. Wij waren de nacht in Utrecht met onze illegale feesten genaamd Psycho killer. We begonnen om 1 uur en we gingen tot ‘s ochtends 11 uur door. Tot we zeker wisten dat de nacht toch echt was verdwenen.

Wij creëerden nostalgie waar mensen bij stonden te kijken, omdat dat intense gevoel van verbondenheid via de tonen van de dj, het zien van de dansende lichamen en het voelen van euforie je niet mee kon nemen naar een andere plek. Het was daar en het stierf daar weer uit. Als een lichtgevende eendagsvlieg. Opgestaan uit het water om te dansen, te paren en dan te sterven en nooit meer te schijnen.

Ik miste dat gedeelte uit mijn leven nu. De sigaretten. De pillen. De drank. Mijn dansmoves. De knipogen van mijn vrienden. Dat idee dat ik leefde tijdens het feest en een beetje stierf als het was afgelopen. Ik als aanstichter van al die euforie.

Nu was de nacht niet meer van mij. Ik had de nacht weggegeven aan de REM-slaap. Aan de diepe slaap. Aan de lichte slaap. Maar zeker niet aan mijn eigen bewustzijn.

Ik fietste op een doordeweekse avond naar het appartement van Kurt. Charlie vertoefde daar tijdelijk nu Kurt vast in Wuhan, China zat. Charlie deed open met een peuk in zijn mond.

‘Niet doorvertellen aan Kurt dat ik hier rook,’ zei hij, en slofte terug richting de woonkamer.

Ik liep wat verslagen en somber naar binnen. Er stonden nauwelijks meubels en alles leek zo wit. ‘Is ‘ie aan het verhuizen of zo?’ vroeg ik.

‘Dit noemt hij een minimal leefstijl,’ zei Charlie, en haalde zijn schouders op en trok een gezicht dat hij het ook niet wist waar dat precies voor stond.

Hij gaf me een biertje uit de koelkast. ‘Je ziet er gaar uit man,’ zei hij.

‘Slaap wat slecht.’

‘Is het een vrouw?’

Ik knikte.

‘Die kunnen je inderdaad gaar maken,’ zei hij. ‘Is het Liselotte?’

‘Anna.’

‘Geneukt?’

‘Het was de meest vreemde neukpartij ever.’

‘Zoals het hoort,’ zei Charlie. ‘Je moet af en toe in je leven een hele vreemde neukpartij doormaken. Dan heb je het gevoel dat je leeft.’

Charlie spande zijn armspieren aan als een bodybuilder en maakte er een rare kreet bij.

Charlie maakte graag rare kreten als hij onder invloed was.

‘Ik heb niet het idee dat ik leef,’ zei ik.

Charlie wees naar twee vreemde vintagestoelen in de woonkamer.

Hij ging in de ene zitten. Ik in de ander.

‘Want?’ vroeg hij met een kreun.

‘Ik herken mezelf niet meer terug. Ik vraag me af wie ik ben geworden, wat ik wil zijn en hoe ik dat moet veranderen. Het is alsof ik in de verkeerde film ben beland. Dat dit niet mijn leven moet zijn. Dat ik dit nooit had gewild. Maar het is wel waar. Dit is mijn leven geworden. Het voelt vaag, teleurstellend, deprimerend,’ zei ik.

‘Dat wat Liselotte je heeft aangedaan is de middelvinger van het leven. Je denkt zeker van iets te zijn en dan zijn ze opeens zonder duidelijke reden vertrokken.’ Charlie bleef naar me wijzen. ‘Ze had beter dood kunnen gaan. Dan was weg laat maar zeggen echt weg. Nu is ze weg terwijl je weet dat ze nog bestaat.’ Daarna stak hij beide handen omhoog. ‘Niet dat ik zeg dat ze dood moet, hè.’

‘Het is niet alleen dat, maar gewoon. Waar mijn leven nu staat. Vrouw weg. M’n huis weg. Vast in een suffe baan waar ik te veel moet doen.’

‘Wat jij nodig hebt is een feest,’ zei Charlie.

Charlies antwoord op de grote vragen in het leven waren altijd meer vrouwen of meer feesten. Ik kende hem al meer dan tien jaar. Iedereen veranderde. Ook Charlie. Maar dit was zijn kernpersoonlijkheid. Waarschijnlijk zou hij in het bejaardentehuis ook dit advies geven aan zijn bejaarde buren. Met kwijl uit zijn bek: ‘Feestuh!!! Neukeuh!!!’

‘Ik voel nul lust om te feesten,’ zei ik.

‘Je hield altijd van dansen. Van de sfeer. Je was de een-na-laatste die vertrok. Vlak voor mij,’ zei Charlie tegen me. ‘Nou ja. Ik wil best bekennen dat ik wachtte tot jij vertrok voor ik mijn vertrek aankondigde. Want ik ben graag the last man standing. Dat weet je.’

‘Zodat je daar weer over kan opscheppen.’

‘Opscheppen. Opscheppen,’ temperde Charlie mijn veroordeling. ‘Laten we het gewoon een gezonde manier van competitie noemen.’

Ik knikte, diep verzonken in gedachtes. Denkend aan Anna. De schaamte die in me opkwam door haar te nemen zonder condoom. Wtf was ik voor persoon geworden?

‘Ik weet gewoon niet wat voor persoon ik ben geworden,’ zei ik tegen Charlie.

‘Misschien moeten we ons oude leventje herontdekken. Kijken of we die oude Nik in jou weer wakker kunnen maken. Gewoon. Lekker feesten. Dansen. Lol maken.’

‘Jouw antwoord op elk probleem in de wereld,’ zei ik gapend.

‘Misschien heb ik het zelf wel nodig,’ zuchtte Charlie. ‘Sinds ik een kantoorbaan heb voel ik me zo serieus. Ik wil me niet serieus voelen. Ik wil me gewoon Charlie voelen.’

‘Je komt nog steeds als Charlie over,’ zei ik. ‘Kom ik nog als Nik over?’

‘Ik weet niet man,’ zei Charlie, en stak een nieuwe peuk op. ‘Meer levensmoe of zo. Ik bedoel het niet beledigend trouwens hoor.’

‘Levensmoe?’ zuchtte ik. Soms leek het wel zo dat ik me zo voelde. Maar ik wilde zo niet zijn. Dit niet uitstralen. Dat had wat treurigs. Helemaal omdat er een relatie uit was gegaan en ik deed alsof het nooit meer goed ging komen.

‘Het is Liselotte, hè?’ vroeg Charlie. ‘Ze heeft je ziel verminkt.’

Ik knikte. ‘Ik wil je er eigenlijk niet mee lastig vallen.’

‘Je moet één ding weten. Je bent niet je bewustzijn. Je gedachtes zijn maar een half verhaal. Althans dat zegt m’n huisgenoot vaak tegen me. Weet dat,’ zei Charlie.

Charlie had een punt. Ik was toch niet mijn liefdesverdriet? Ik leefde nog steeds. Ik knikte bevestigend.

Charlie zei: ‘Wat wij gaan doen is feesten. Aankomend weekend.’

Dat klonk als een plan. Ergens op een industrieterrein aan de rand van de stad richting Nieuwegein was er een klein illegaal feestje. Charlie had zo zijn connecties.

Ware het niet dat later die week de Nederlandse overheid besloot om onder andere horeca te sluiten voor een rondgaand virus.


🚬 Je leest een verhaal uit de reeks Uitbraak. Volgende week het vervolg. Ik app of e-mail je dan graag de link, zodat je het niet vergeet.
😏 Ik heb een nieuw boek geschreven. Het heet 'Ze gingen samen het toilethokje in.mp4'.
👀 Ik ben een dagelijkse e-mail begonnen. Over naar bed gaan met iemand die je niet mag. Je eenzaam voelen in een club vol mensen. Over de toxiciteit van je eigen perfectionisme. Abonneer je via https://petje.af/tomsondarko/. Als je niet zo goed weet wat je kan verwachten, schrijf je dan in voor mijn wekelijkse e-mail (gratis) of luister naar mijn wekelijkse spraakberichten (gratis).