✖🪐 hoe niet gek te worden in je eigen hoofd
Gedachten zijn een radio. Je kunt ze zachter zetten.
Gedachten zijn een radio.
Met veel verschillende zenders.
- Het staat of luid of zacht
- Of het is druk
- Of rustig
Zelfs in je slaap speelt ‘ie gewoon door. De uitknop is er, vrees ik, pas na je laatste ademteug.
Dus.
Hoe niet gek te worden in je eigen hoofd?
Nou. Wat me is opgevallen: hoe beter je slaapt, hoe zachter de gedachten zijn.
Dus ja.
Op tijd naar bed vanavond? Telefoon weg. Boekje lezen of nog een serie kijken. Vooral niet scrollen. Dan val je hopelijk rustig in slaap en staat de radio de volgende ochtend niet zo irritant afgesteld in je hoofd.
Het kan ook zijn dat je iets dwarszit, waardoor die gedachten zo irritant zijn.
Een troost: in het leven zijn er altijd zorgen.
(je volgende trauma is dichterbij dan je denkt).
Dat zeg ik niet om je zorgen weg te poetsen of minder erg te maken.
Ik bedoel gewoon te zeggen dat er altijd zaken zijn waar we geen controle over hebben, maar die wel als een zwaard van Damocles boven ons hoofd hangen en invloed gaan hebben op onze toekomst.
Een vriendin van me heeft jaren over haar studie gedaan. En nog langer over haar afstudeerscriptie. Zweet. Veel tranen. Veel aanmoedigingen van anderen. Af en toe een melancholisch knikje van mij.
En dan, opeens, dan toch. Klaar. Met vlag en wimpel. Grijze haren erbij gekregen, maar ook een diploma.
Ik met haar toasten op een terrasje in Arnhem, precies op het moment dat de zon onderging. Met de smaak van appelcider op onze tong.
Wat denk je wat ze toen zei? Al haar nieuwe zorgen. Zulke heftige dat ze er wakker van lag. Hoe vond ze een specifieke werkplek waar je afhankelijk bent van een begeleider?
Ik vertel je dit als geruststelling. Dit is het leven. Er is geen alles-komt-goed-land. Want er is altijd iemand ziek, depressief, werkloos, verlaten. Soms ben je die persoon zelf. Soms maak je je zorgen om een naaste.
En anders komt de Belastingdienst je deurmat vergezellen met gezellige brieven vol getallen met dezelfde boodschap: betalen. Mf’ers.
Maar. Je bent niet meer een weerloos kindje. Je bent nu volwassen. Je kunt in verzet komen. Viva la révolution roepen. Hamer en sikkel op je arm inkten.
Schrijf je zorgen bijvoorbeeld eens op.
In de vorm van een brief. Met pen en papier. Of met een toetsenbord. Maar niet op je telefoon. Dan krijg je straf van mij.
(behalve als je graag straf wil, doe het. Voor bonusstraf, ga met joggingbroek naar de supermarkt. Of luister mijn In slaap val podcast over 20 dingen waar ik van houd en 20 dingen die ik HAAT in joggingbroek, in de supermarkt)
Schrijf ‘lieve tomson’ of ‘lieve vreemdeling’ of schrijf het gewoon naar een goede vriend.
Schrijven is in gesprek gaan met je eigen ziel. Maar als je de woorden richt aan een ander, worden ze helderder. Je kunt niet in een warrige boel blijven denken. Dit vraagt orde en logica.
En al schrijvend kom je erachter dat die radio in je hoofd, met die praatgrage dj’s, graag gehoord wil worden.
Door met ze te praten verandert het massamedium in een dialoog.
De intensiteit van de emoties neemt af.
Maar let op.
Alert. Alert. Alert.
Schrijven is niet conclusies trekken. Jezelf geen peptalk geven. Of jezelf in een graf graven.
Het is geen therapie. Het is een gesprek. Soms geeft het helderheid. Maar eigenlijk is het toch vooral zoals met sporten. De spieren moe maken.
Schrijf een brief. (niemand zegt dat je hem moet opsturen)
- Begin met waar het begon.
- Omschrijf de plekken.
- De geuren.
- De gevoelens in je tranen.
Na afloop ben je opgelucht, moe of uitgeput. Maar de radio klinkt niet meer zo dringend als van tevoren.
liefs,
tomson
PS
Waarom denk je dat ik schrijven als fulltime bezigheid doe? Serieus. Die radiozenders zijn dus een beetje bij te sturen. Schrijf een boek over een bepaald thema en je gedachten gaan daar de hele tijd over bakkeleien. Is die scène niet te cliché? Wat is eigenlijk het echte gemis van dat personage? En hoe zit het met het plot? Ik creëer zo mijn eigen problemen. Die ik vervolgens al schrijvend probeer op te lossen. Beter dan nadenken over mijn jeugd. Just sayin'.
Dit is een aanvullende tekst op het boek Ik hoop dat je gedachten lief voor je blijven (2026).