Vlak na het uitbrengen van mijn roman Vrouwen die Charlie haten, wilde ik snel een nieuw boek uitbrengen. Ik had een fantastisch idee en dat wilde ik zo snel mogelijk op papier zetten. Een novelle. Rond de 100 pagina’s. Snel schrijven. Snel uitbrengen. Tadaaa. Moet lukken.

Dat was trappen in valkuil nummer 1 bij het schrijven van een boek.

Blaise Pascal zei: Je voudrais avoir écrit une lettre plus courte, mais je n'en ai pas le temps.

Dit betekent: ik schrijf je een lange brief, want ik heb geen tijd voor een korte.

Korte teksten schrijven is harder werken dan een lange tekst. Net zoals de kans groot is dat je die Franse zin hierboven niet volledig hebt gelezen. Geen nood. Onze hersenen zijn geprogrammeerd om 95 procent onbewust te doen. Ziet er iets uit als moeite? Dan kiezen we de makkelijkste weg.

Of zoals Nathaniel Hawthorne zei: Easy reading is damn hard writing.

Nu zijn we twee en een half jaar verder en het is geen novelle van 100 pagina’s geworden, maar een boek van over de 200 pagina’s. ZE VOLGT ME NIET TERUG is zelfs dikker dan Vrouwen die Charlie haten. Yes. Dikker. En dan heb ik ook nog voor minstens 200 pagina’s aan tekst geschrapt.

Het schrijven is met ups en downs gegaan. Ik heb een aantal keer op het punt gestaan om de handdoek in de ring te gooien en op de delete knop te drukken. Het teruglezen van mijn teksten kan soms zo confronterend zijn. Beetje hetzelfde als foto’s van mezelf van drie jaar geleden terugkijken.

Mijn oorspronkelijke idee voor ZE VOLGT ME NIET TERUG was om te schrijven over een driehoeksrelatie, maar dan met heel veel mensen. A houdt van B. B houdt van C. C van D. En D weer van A. Maar A gaat dan per ongeluk naar bed met C en daar is D jaloers over en die verleidt B vervolgens weer. Plottwist. Haat. Intrige. Jaloezie. Leek mij een heel grappig idee om uit te werken.

Nou na een paar maand schrijven vond ik dat niet meer zo grappig. Hoe structureer ik zo’n verhaal? Hoe zorg ik ervoor dat het een beetje realistisch overkomt en het geen komedie wordt? Is het überhaupt wel geloofwaardig of is de hand van de schrijver dan wel heel erg aanwezig als je leest?

Ik liep hopeloos vast.

Ik koos er toen voor om het verhaal vanuit twee perspectieven te schrijven. Het perspectief van een boy en het perspectief van een girl. Tot ik een jaar later tot het inzicht kwam dat ik beter bij één perspectief kon blijven. Dat maakte het verhaal al sterk genoeg. En het scheelde ook bladzijdes.

Dus op mijn computer staat nog steeds een groot bestand van het verhaal, gezien door de ogen van de girl.

De girl die we allemaal kennen van Digital love.

Noor!

Yep. Ze is terug.

Ze bestond al voor Digital love.

Toen ik weer eens hopeloos vastliep, heb ik als een vorm van afleiding in drie weken de eerste episode van Digital love geschreven. Die is eind 2016, begin 2017 op mijn blog verschenen. In de zomer van 2017 ook als paperback verschenen.

Goed.

Als je ZE VOLGT ME NIET TERUG later dit jaar gaat lezen (ja toch?), zul je nog wel elementen van de love triangle erin terugzien. Misschien valt het je op, ondanks dat er totaal niet meer de nadruk op ligt.

En dan nu question number one: wanneer komt mijn nieuwe boek nou ook alweer uit?

1 november. 1 oktober begint de pre-sale met hele toffe gratis extra superdeluxe dingen.

Ik vertel het je snel genoeg.

Ow.

Trouwens.

Als je meer van dit soort persoonlijke verhaaltjes wil lezen, meld je aan voor m'n maillijst. Sommigen komen online te staan. De rest komt exclusief per e-mail naar je toe. Doe maar even inschrijven.

  • T.D.

*Dit is een persoonlijke blog onder de tag 'diary'. Ik schrijf ook online verhalen over 'Charlie.'


Dit zijn twee boeken die ik heb geschreven: