Hoe dichter je bij iemand probeert te komen

hoe meer je die persoon vernietigt

Hoe dichter je bij iemand probeert te komen
Photo by Vadim Matei / Unsplash

In de roman Frisk (1991) van Dennis Cooper (1953) zit een element uit de jeugd dat een blauwdruk achterlaat in je volwassen leven.

Noem het gerust een kink. Of fetisj. Of voorkeur.

Als de verteller Dennis dertien is, krijgt hij foto’s te zien van een naakte jongen. Hij is vastgebonden en ligt in seksuele poses. Maar hoe verder je door de foto’s komt, hoe beter je ziet dat hij vermoord lijkt te zijn.

Is het echt?


Als volwassene kan Dennis dat beeld maar niet loslaten. Het is een fantasie die in zijn hoofd steeds groter wordt.

Hij probeert met zijn scharrels en sekswerkers steeds dichter bij die fantasie te komen. Hij wil het lichaam volledig domineren. Het volledig begrijpen. Het van binnenuit voelen. Er één mee worden.

Om op een punt te komen dat hij het lijf wil vernietigen. Vermoorden desnoods.

Zijn bedavonturen worden daardoor best wel snel raar en fucked-up.

Bedoel.

Het zou maar in je oren gefluisterd worden dat je bedpartner je eigenlijk wil vermoorden, als vorm van opwinding, en je niet weet of die persoon het meent of niet. En of die het echt gaat doen of niet.

Tegelijkertijd is Dennis na afloop van het avontuur ook altijd een beetje teleurgesteld.

Want de realiteit is altijd teleurstellend in vergelijking met de fantasie.

Zoals porno en echte seks.

Dan vertrekt hij naar Europa en belandt uiteindelijk in Nederland, waar hij in een windmolen woont. Hij stuurt een brief naar zijn voormalige geliefde Julian. In die brief vertelt hij in detail dat hij twee Duitsers heeft ontmoet met wie hij mannen naar die windmolen lokt.

En daar in die windmolen beschrijft hij hoe hij met hulp van de Duitsers zijn fantasieën uitvoert. Nederlandse mannen vermoorden.

(Het is duidelijk dat de schrijver het niet zo op Nederland heeft.)

Jup.

Gruwelijk wel.

Vooral de details die worden gedeeld.

Het is zo lichamelijk allemaal.

Maar het boek gaat niet alleen over die fantasie uit je jeugd proberen te herbeleven.

Het gaat ook over iemands lichaam volledig uitvogelen. Iemands lijf volledig voelen. Niet alleen door erin te zitten via seks. Maar ook, nou ja, alles wat uit het lichaam komt te bewonderen.

Het lichaam begrijpen, zodat je de ander begrijpt.

Begrijp je?

Het boek is er niet voor de gevoelige maag, maar wel voor de overgevoelige ziel.

Want man.

Ik snap het eigenlijk wel.

Zoals een scène in het boek waarin Dennis het lichaam van de ander volledig likt. Net zolang tot hij zelf naar dat lichaam ruikt.

Dat is de waanzin van liefde.

De projecties die we hebben.

Het idee van ‘één’ worden.

Er zit iets naïefs in. Maar ook een bijna melancholisch besef.

Dat hoe dicht je ook op iemands huid zit, er altijd die afstand tussen jou en de ander blijft.

Iets wat je nooit kunt begrijpen.

Het deel van de ander dat zo mystiek is.

Is de liefde niet één grote projectie? Van veiligheid en vertrouwen? Is seks niet één grote projectie?


Het hoogtepunt (of dieptepunt) is dus de brief die Dennis naar Julian stuurt.

Sowieso is het qua stijl echt zo goed. Je wordt als lezer helemaal meegevoerd met de gruwelijkheden daar in die windmolen, met een extreme conclusie.

Dit blijkt, na wat internetresearch van mij, een bewuste keus van de schrijver te zijn geweest.

Want via de brief aan Julian betrekt hij de lezer erbij. Want bij het lezen van de brief vul je zelf in hoe de horror eruitziet. Met een bepaalde sensuele lading.

Als dat je opwindt, lezer, moorden, waarom ben je dan zo veroordelend naar echte criminelen?

Nou, een geruststelling. De moorden wonden me niet op. Ik heb sommige passages zelfs overgeslagen, want TE WALGELIJK.

(Ik blijf gevoelig.)

Maar heb er tegelijkertijd ook wel van genoten.

Een beetje zoals een zure mat in één keer in je mond proppen.

Dat.

Dit las ik erover in een interview uit 2014 met de schrijver:

So with Frisk, at the end of the book, when you find out that it’s not real, it’s like you decide. Whatever pleasure you got out of making a picture in your mind based on that letter of those people being murdered. You take responsibility for it. The writer is not letting you off the hook. It’s fiction. The whole thing is a fiction. I’m interested in writing about that stuff, and in that way maybe I’ll understand it.

(..)

When you read a book, and when you read that letter in Frisk, the idea is that you’re creating the picture. You’re the one that has to create the picture of what the kid looks like. What it would be like to look inside his body or whatever. So the idea is why do you think that way?

Jup.

Dat is wat Dennis Cooper doet.

Niet de schrijver is de smeerlap.

Maar jij bent de smeerlap.

Want jouw fantasie gaat aan van de woorden.

Interessant punt wel.

En dit zei hij over Nederland:

Interviewer: How was it living in Amsterdam?

Dennis Cooper: On one hand, it’s a great country. They’re very humane. You get free health care. On the other hand, there’s nothing to do there. It’s very cold. They don’t support art there. They’re very conservative. They support artists born in Holland, but they make bad art. Socialism is great for human stuff, but Socialism sucks for art.

​https://portable-infinite.blogspot.com/2014/05/dennis-cooper-interview.html

Goed.

Afsluitend.

Het is een korte roman van ruim 100 pagina’s. Al had ik wel echt meerdere leesmomenten nodig om hem uit te lezen. Zoveel heftigheid!

Als je van transgressieve fictie houdt (mijn favoriete genre) en niet vies bent van expliciete (gay) seks, mishandeling en moord, dan raad ik je Frisk absoluut aan.

Als je zelf graag schrijft, dan raad ik het je sowieso absoluut aan. Want de schrijfstijl en vorm wisselen voortdurend. Echt heel goed en het bestuderen waard.

liefs,

tomson

Eerder gepubliceerd via de tomson darko club.