de terugkerende patronen in ons leven zullen nooit verdwijnen
Waarom zou je dat ook willen eigenlijk?
Noem me een optimist. (lol)
Maar ik denk dat de terugkerende patronen in ons leven nooit echt zullen verdwijnen.
De plek, de mensen en de staat van je huid zullen wijzigen. Maar als je op een dieper niveau kijkt is het een herhaling van wat al was.
Ik zal je wat voorbeelden geven van mezelf en anderen over hun cirkels en patronen en ritmes en cyclussen in het leven.
===
Om 2 uur ’s nachts getrippel van een hond op de trap.
Daarna zijn zware schoenen. Stap. Stap. Stap. Te hard om doorheen te slapen. Daarna het gestap naar de zolder toe.
Als m’n slaap niet terugkeerde, was het gekraak van het bed van mijn huisgenote vanzelf hoorbaar. Ritmisch.
Dit kon nachten doorgaan. Deze nachtbezoeken. Tot het moment dat ze begonnen te schreeuwen. Vaak in de ochtend. Het getrippel van de hond de trap af. Daarna zijn zware schoenen. Stamp. Stamp. Stamp. Daarna de knal van de voordeur, waardoor het raam in mijn kamertje trilde.
In ieder geval weer minstens een paar weken rust.
Daarna begon het opnieuw. Dan verscheen hij weer diep in de nacht aan onze deur.
Het was een cyclus.
===
Mijn werkplezier op kantoor was een cyclus.
Vol goede moed verbeteringen verzinnen. Getallen doorrekenen. Adviezen aan de experts in het bedrijf vragen. Ons voorstel presenteren in een commissie. De ‘ja, maar’ en ‘geen budget voor dit jaar’ horen.
In zak en as met een handpalm onder mijn kin en de andere op de muis naar mijn scherm staren. Me afvragen wat ik hier doe. Soms tikten mijn vingers ‘vacature’ in. Soms schreef ik zelfs een brief.
Terwijl het leven doorgaat. Afleiding is de vijand van demotivatie. Om vervolgens weer naïeve nieuwe hoop te vinden in een ander projectje.
De cirkel was weer begonnen. En zo doorloop je jaren van je leven, zonder echt vooruit te komen.
===
Een goede vriend en een tijdje een collega zat in een cirkel van zelfdestructie.
Als ik hem een berichtje stuurde of hij nu kon afspreken, was het antwoord altijd: ‘Ja, kom maar.’
Zoveel avonden met hem doorgebracht.
- Bij hem thuis voor zijn computerscherm muziekvideo’s uit de jaren ’60 en ’70 bekijken en dronken worden
- Illegale feestjes bezoeken en dronken worden
- Kroegen bezoeken en dronken worden
- Boekenmarkten afstruinen en dronken worden
- Samen koken en bijkomen van de werkdag en dronken worden
En ook als ik er niet was, werd hij dronken. Te merken aan zijn gehik en geboer de volgende ochtend op kantoor.
Tot er een avond in zijn leven volgde waarop alcohol hem naar de waanzin bracht.
Wakker worden in het ziekenhuis bijvoorbeeld. Zijn eigen raam slopen met een stoel. Of ergens in de hoek van de kroeg tegen de muur pissen. Of uit de avondbus begeleid worden door de politie, omdat hij zich verdacht gedroeg.
Acties waar zijn geheugen weinig herinneringen aan had. Zijn lichaam altijd wel. Schrammen, botbreuken en een keer zelfs een blauw oog.
Het was in ieder geval genoeg reden om de alcohol af te zweren. Elke dag die nuchter volgde, telde hij.
33 dagen nuchter. 66 dagen nuchter. 90 dagen nuchter.
Hij ging nog steeds naar feestjes. We keken nog steeds tot diep in de nacht muziekvideo’s. We gingen zelfs nog de kroeg in. Maar geen druppel alcohol vond zijn lever.
Tot het moment daar kwam. Onvermijdelijk wel. Een zomerse dag op een terras bijvoorbeeld. Dat hij dacht: nu heb ik het wel onder controle. Doe er maar eentje dan.
Het ritme begon opnieuw.
===
Bij haar was er een ritme in hoe sterk de gevoelens voor iemand afnamen.
Het is niet makkelijk om in je tienerjaren door depressies en angsten te worstelen. Maar haar eerste serieuze relatie bleef haar trouw. Een betere steun kon ze zich niet wensen in deze tijd. Maar wat blijft er van jezelf over als de klachten beheersbaar zijn geworden? Wie ben je zelf dan nog?
Ze zoende met een ander op de dansvloer. En sprak daarna nog een keer met hem af. Vervolgens nam schuldgevoel het over en ze bekende alles aan haar vriend.
Wat denk je? Hij vergaf het haar. Maar zij kon zichzelf niet vergeven en stopte met de relatie en had zelfs even de drang om te stoppen met leven.
Ze raapte zichzelf op via therapie.
Vond haar droombaan in een mannenwereld. Raakte verliefd op degene die haar inwerkte op het werk. Ook al was hij bezet. Het gezoen na het werk. Het testen van de vering van de auto vlak voordat het werk begon. Of even in de pauze in het opberghok belanden. Maar het was niet alleen de seksuele aantrekkingskracht die het spannend hield. Er volgden zelfs serieuze dates. Uit eten en zo. Bioscoopje. Museum.
Maar als het zo serieus is, waarom bleef hij dan bij zijn vrouw?
‘Ik ga voor je,’ zei hij keer op keer. En toen ze dreigde met stoppen, zei hij: ‘We gaan scheiden.’
Ze ontmoette vrienden van hem. En ze liepen zelfs in het openbaar hand in hand.
Tot die zomer. Waar op een onschuldige vakantiefoto in de auto op de achtergrond zijn vrouw zat.
De relatie was nooit geëindigd, maar zij eindigde wel direct met hem, nam ontslag en raakte ervan overtuigd dat echte liefde iets ingewikkelds was waar zij nooit vrede in kon vinden.
Maar je weet wat er gebeurt: als je er niet naar zoekt, vindt het jou. Die ene die te knap en te leuk is en waar je nooit een kans bij zou kunnen maken. Dus toch proberen.
En voor je het weet woon je ermee samen. Zijn heethoofdige gedrag veranderde door haar. En hij kon haar met beide voeten op de grond zetten als de gevoelens het weer eens tot het extreme overnamen.
Maar na een paar jaar kon ze niet meer door de oppervlakkigheid heen kijken. Een prater was hij niet. En dat was exact het probleem als verliefdheid dooft en houden van het overneemt.
De verbinding. Het lichamelijke contact. Het schrikbeeld was eindigen zoals haar ouders. Liefdeloos. Verveeld. Volledig in elkaar gegroeid, zodat ze nooit meer alleen in het leven konden ademen.
Daar sta je dan.
Niet meer zo jong.
Vele mislukte relaties verder.
Zich af te vragen: ben ik het probleem?
Sowieso.
Maar ook: waarom dooft mijn liefde altijd na 3 jaar?
Omdat het je patroon is.
Daarom.
===
Sommigen ontgroeien hun knuffels en nemen een vriendje. Anderen slapen er nog steeds mee, met de knuffel dan. Maar de behoefte is hetzelfde. Snap je?
Zo zit het ook met de patronen.
Juist op het moment dat we ons te goed of te slecht voelen, beginnen we er weer aan.
Als je het mij vraagt, is er weinig ‘groei’. Alleen een herhaling.
Het zat zijn van iets is niet de start van groei. Het is het eindpunt van de cirkel.
De slang die zichzelf in de staart bijt.
Ouroboros noemden ze die in de oudheid. Het staat symbool voor eeuwigheid. Voor het einde dat weer een begin wordt.
Het houdt de wereld in evenwicht.
Het houdt jouw bestaan gaande.
Zelfs als het je lukt om de ene cirkel achter te laten, start er een andere.
Doe niet alsof je niet in cirkels gelooft maar in spiralen.
Een cirkel is een cirkel. Of die nou naar boven gaat of naar beneden.
Op een dag ben je weer waar het begon.
Ik was er lang van overtuigd dat iedereen slechts een fase in je leven is.
Maar ik vergat daarbij het woord ‘terugkerend’.
De namen zijn misschien anders. Maar de type personen hetzelfde. De substantie is misschien minder schadelijk. Maar je blijft iets in je lijf brengen om je verlicht te voelen.
Op het moment dat je je cirkel kent, kun je je misschien aanpassen. Een andere keuze maken. Denken dat je het nu begrijpt. Dat je groeit. Spiritueel ontwaakt bent.
Tot je terugkomt op hetzelfde punt en denkt: shit. Hier ben ik al eerder geweest.
Ik hoop dat je gedachten lief voor je blijven.
liefs,
tomson 🪐🪐🪐
Eerder gepubliceerd via de tomson darko club.