Ze slurpte als ze een slok van haar blikje Pepsi-cola nam.

Ze trok om de twintig seconden haar witte ondershirt naar beneden om haar onderrug te verbergen.

Ze tikte zenuwachtig met haar nagels op de computermuis, wat klonk als een paard in galop, tik-tik, tik-tik, tik-tik.

Ze kauwde met haar mond open op een roze kauwgom.

‘Dus Peter. What is your story?’, vroeg ze.

Ik antwoordde niet. Ik probeerde haar hele aanwezigheid te negeren deze ochtend, wat best onmogelijk was. Ze was namelijk de enige andere persoon in dit achterafkantoortje in dit gebouw.

Ze hadden ons als varkens hierin gestopt. We moesten het werk doen op twee te kleine beeldschermen, met een computerkast die om de vijf minuten liet weten dat het bestond door heel hard te blazen en een computermuis dat aanvoelde alsof er al duizenden handen aan hadden gezeten. De letters op mijn toetsenbord waren bijna weggesleten.

‘Jullie werk is essentieel’, zei Henry nog voor hij de deur sloot vorige maand.

Ik vroeg me af hoe essentieel we echt waren. Met dit soort ICT-materiaal, in dit soort ruimtes.  

Het leek wel alsof ze ons waren vergeten in dit gebouw.

Niemand die langskwam om te vragen of we met z’n tweeën het werk wel aankonden.

Niemand die vroeg: ‘Kopje koffie iemand?’, ‘Komen jullie ook lunchen?’, ‘Gaat het een beetje?’, ‘Kan ik wat voor jullie betekenen?’, ‘Jullie zijn goed bezig!’, ‘Samen redden we het wel.’, ‘Schouders eronder. We zijn een goed team.’ ‘Wij maken het verschil!’

We waren niet volledig onzichtbaar. Was dat maar waar.

Ze zagen alles wat we deden, digitaal.

Ze konden exact zien wat onze ‘productie’ was.

Als het werk niet snel genoeg ging, kwamen er e-mails binnen met bemoedigende woorden als: ‘denk aan de target’ of ‘jullie houden de boel op’ of ‘er wachten drie mensen op jullie op dit moment’ of ‘dit had ik niet van jullie verwacht’.

Wat deed ik hier…

‘Kom Peter. Zeg eens wat’, zei ze.

Ik zuchtte zonder mijn ogen van het scherm te halen.

Ik snapte haar wel. Minstens vijftien jaar jonger dan ik. Zij had hier ook niet voor gekozen. Het was een baan die het uitzendbureau haar had gegeven. Kon ze weigeren?

Ik zei: ‘Ik heb geen verhaal te vertellen.’

‘Peter... Kom op nou. Iedereen heeft een verhaal!’

‘Waarom wil je dat zo graag weten dan?’

‘Omdat ik me verveel.’

‘Je mag wel wat storno’s van mij overnemen.’

‘Bedankt, maar nee, bedankt.’

‘Je verveelt je liever?’

‘Jup.’

‘Oké.’

‘O-ké’, ze deed mijn stem na.

‘Je bent toch niet echt klaar met je storno-bakje?’, vroeg ik toen.

‘Peter... Doe nou niet zo serieus... Ik bedoel dat ik me gewoon verveel omdat dit werk geestdodend is. Niet dat ik niet genoeg te doen heb.’

Ze had gelijk. Het was geestdodend.

Al zag ze er niet druk uit.

Ze lakte haar nagels. Haalde het er vanaf en begon toen opnieuw. Ondertussen klikte ze met haar muis er af en toe heftig op los.

Ze deed dingen sneller dan ik. Alsof ze niet hoefde na te denken over het systeem. Alsof haar computer sneller was dan dat van mij.  

Ik moest altijd te veel nadenken over wat ik deed.

Maar ook ik kon de verveling niet onderdrukken. De tijd ging te langzaam. Het was te eentonig. Mijn hersenen begonnen op irritante dingen te letten. Waarschijnlijk puur als afleiding.

Bijvoorbeeld dat ze om de 32 seconden haar telefoon kort oppakte om te kijken naar haar ontgrendelscherm en dan de telefoon weer neer te leggen. Om de vijf minuten ontgrendelde ze het scherm ook daadwerkelijk, appte wat, of scrolde kort door haar Instagram-tijdlijn heen. Daarna zette ze haar telefoon weer op slot.

‘Denk je dat je hier volgend jaar nog werkt?’, vroeg ze toen.

‘Misschien.’

‘Echt? Jij bent echt zo saai.’

‘Ik loop achter, oké? Dus ssst.’

‘Komt omdat jij je werk veel te serieus doet. Veel te serieus.’

Een pop-up rechtsonder in mijn scherm. Nieuwe e-mail van haar.

Ik klikte het open.

Een plaatje van the joker met de tekst: Why so serious?

Ik keek haar aan met een wenkbrauw omhoog.

‘Je vond het wel grappig.’

‘Nee.

‘Ieniminie beetje grappig? Eerlijk? Eerlijk?’

‘Nee.’

‘Gawd. Wat moet ik met jou.’

Ze rekte zich uit. Haar shirt kroop omhoog. Ze had een navelpiercing. Haar borsten leken ronder als ze haar armen in de lucht had.

Ze keek of ik keek.

Kut, betrapt.

Ik keek weer naar mijn eigen computerscherm alsof ik daar al uren naar had gekeken.

‘Oh. Dus toch niet zo serieus.’ Ik voelde mijn hoofd rood worden. Toen zei ze: ‘Ik vind het niet erg hoor.’

‘Wat.’

‘Ik ben het wel gewend.’

‘Waar heb je het over?’

‘Dat mannen naar me kijken.’

‘Je deed het erom.’

‘Klopt. Ik deed het erom. Kijken of je wel menselijk was. Ik begon namelijk bijna te twijfelen.’

‘Laat me gewoon mijn werk doen, alsjeblieft?’, vroeg ik.

‘Sir yes sir!’

Een pop-up rechtsonder mijn computerscherm. Ik klikte erop met een zucht.

Een plaatje van Puss in boots, van Shrek met de tekst ‘SORRY x 100000000000.’

Ik reageerde er niet op.

Tien minuten later zei ze: ‘Ik heb al zo lang niet geneukt, dat ik mijn standaard echt aan het verlagen ben.’

Ze liet een telefoonscherm zien van een gast die op het strand met een petje op met een zwoele blik de camera in keek. ‘Wat vind je, moet ik naar links of rechts swipen?’

Ik keek weer naar mijn computerscherm.

Zij: ‘Ik sta zo droog, ik denk dat ik het erop waag. Dit soort gasten swipen altijd voor mij.’

‘Goed. Wat is je punt?’

‘Ik verveel me gewoon. Praat met me.’

Het was hier zo benauwd. Er kon hier niet eens een raam open. We waren onze eigen lucht aan het in- en uitademen. Wat symbool stond voor alles in mijn leven.

‘Oké. Vijf minuten dan. Ik heb wel een mini-pauze verdiend. Wat wil je weten’, zei ik.

Ze begon te grijnzen. ‘Jeej, meneer serieus wil met me praten.’ Ze liet een gilletje horen. ‘Ik gil alleen zo als ik enthousiast ben hè? Laat maar zeggen Jared Leto twee meter voor mijn neus enthousiast.’

Volgende week zondag het vervolg.


🚬Je leest een verhaal uit de reeks Millennia
📖 Mijn nieuwste boek is op 1 november 2018 uitgekomen:  > Ze volgt me niet terug
📗 Ik heb een boek over Charlie geschreven: > Vrouwen die Charlie haten
📜 Bezoek m'n store met posters en boeken en stickers


Volg me via 📞WhatsApp. 1 op 1. Geen groepschat. Als ik wat geschreven heb, app ik je de link.

Doe dit en doe het goed:

  1. Voeg het nummer 06-44796441 toe aan je contactpersonenlijst
  2. Stuur vervolgens 'confetti AAN' met je voornaam naar mij of klik op deze link
  3. Verwijder dit nummer nooit en te nimmer uit je adresboek. Anders ontvang je geen appjes.

Als je er geen zin meer in hebt, app je me met de zin: 'Het is UIT'.