Op de middelbare school had ik een vriendengroepje van ongeveer acht gasten en drie meiden. Tobias was altijd in voor een feestje. Het maakte niet uit wat je deed of waar je was, als Tobias er was, had iedereen meer energie.

Tobias snoepte graag van meerdere walletjes. Hij had altijd wel twee of drie ‘projectjes’. Meiden met wie hij chatte en flirtte. In de hoop dat hij op een avond op een huisfeestje of ergens in de kroeg zijn slag kon slaan en zijn tong erin kon proppen.

Je kon nooit afspraken met Tobias maken.

Zijn antwoord was altijd: ‘Misschien.’

‘Misschien ga ik mee naar de stad.’
‘Misschien kom ik ook op je feestje.’
‘Misschien kom ik mee voetballen.’

Hij hield namelijk alle opties open.

Hij wachtte net zolang tot hij een beslissing nam.

Want als je tegen het ene ja zei, sloot je al het andere uit.

Hij had last van FOBO.

Fear of a better option.

Tobias was een lul.

Ik zeg het gewoon.

Een lul.

Elke keer weer afwachten of hij kwam opdagen of niet. Alsof wij vrienden zijn aandacht moesten verdienen.

Hopen dat wat wij hadden bedacht cool genoeg was voor hem om op te komen dagen.

Zelfs als hij zei: ‘Ik ga met jullie mee naar kroeg A.’ kon het zomaar zijn dat hij opeens in de rij aansloot voor kroeg B, omdat hij daar een vage bekende met wat toffe meiden zag staan.

In het begin sloten wij dan ook maar aan in de rij voor kroeg B.

Bedenk je de meest heftige muzieksmaak die je je kan voorstellen. De hele avond lang. Waar elk nummer na vijftien seconden weg wordt gedraaid voor de volgende walgelijke song.

Dat was kroeg B.

We waren er voor hem.

Niet voor de muziek.

Niet voor de meiden.

Voor hem.

Om vervolgens de hele avond genegeerd te worden. Of hij eindigde al zoenend met een of andere vage meid. Of hij liep een blauwtje en sloot zich dan maar weer bij ons aan als alternatief.

Je groeit op deze manier uit elkaar.

Je laat het hem meer ‘ter info’ weten waar we uithangen in plaats van zeshonderd argumenten verzinnen om hem te laten komen.

Het leven brengt je ook op onverwachte momenten weer bij elkaar.

Zoals toen de stiefpa van Tobias overleed.