Joey kwam binnengewandeld om zeven uur ’s avonds. Hij keek verbaasd naar de lege stoel van Larissa.

‘Hoe staan we ervoor?’

‘Ik heb nog een anderhalf uur nodig denk ik’, zei ik.

‘Zo zo. Nieuw record. Je wordt met de dag sneller. En zij? Whats her face? Is ze al lang weg?’

‘Anderhalf uur denk ik? Ze vertikte het zelfs om een kwartier langer te helpen. Stom mens’, zei ik.

‘Ach. Uitzendkrachtje. Te jong om te weten wat verantwoordelijkheid is.’ Hij haalde zijn schouders op en voelde toen of zijn baardje nog aan zijn kin zat.

‘Ze voelt geen liefde van dit bedrijf. Dus waarom zou ze blijven?’, zei ik.

‘Wie heeft haar gezegd dat elke relatie die we in ons leven aangaan gelijkwaardig moet zijn? Het leven is kil en onpersoonlijk. Ja toch?’

‘Ik dacht dat we hier samen in zaten, zij en ik. Dat zij hier voor mij zou blijven’, zei ik.

‘Het is een generatie-ding, denk je niet?’

‘Ja’, zei ik. ‘Als ze kan kiezen tussen het grijpen van een biljet van 50 euro of drie dagen wachten en 1.000 euro krijgen, zou ze voor de 50 euro gaan. Ze jagen gewoon hun eigen prikkels achterna.’

Ik klikte het scherm uit en rolde met de bureaustoel van het bureau af. Joey ging op haar stoel zitten en rolde met de stoel naar mij toe.

We kenden elkaar al jaren als collega’s. Hoewel hij minstens dertig jaar ouder was. Er was zelfs een tijd geweest dat we af en toe bij elkaar thuis over de vloer kwamen. Totdat hij in een horrorscheiding terecht kwam. Sindsdien was de collega-vriendschap verwaterd.  

‘Ze is niet de enige. Kijk naar Henry. Precies hetzelfde’, zuchtte Joey.

‘Is hij al naar huis?’

‘Yes.’

‘Voorbeeldig leiderschap. Voorbeeldig leiderschap’, zei ik hoofdschuddend. ‘En ik hier maar die klote betaalrun na lopen. En ik neem aan dat de rest van de afdeling er ook nog zit om de rest van de shit na te kijken?’

Joey knikte bedachtzaam.

‘Alleen Henry niet. Hij doet alsof hij de uitzondering is op toewijding. Dat hij zich niet meer hoeft te bewijzen omdat hij de manager is. Hij komt zichzelf nog wel eens tegen in het leven. Ik ken dit bedrijf lang genoeg. Er komt een moment dat mensen zelfs niet meer de deur voor hem willen openhouden. Dat weet jij ook Peter. Hoeveel van dit soort gastjes hebben we hier niet zien komen en gaan afgelopen jaren? Karma is nog steeds aanwezig in dit bedrijf. Kijk naar jezelf. Je bent het voorbeeld van karma.’

‘Tja’, zei ik met een snik in mijn stem.

‘Sorry. Ik wou je niet beledigen.’

‘Het is oké.’

‘Ik had niet gedacht dat je het zo lang op deze afdeling zou volhouden’, zei Joey toen.

‘Ik ook niet.’

‘Hoe lang blijf je nog denk je?’

‘Ik ga hier niet mijn pensioen halen, als je dat bedoelt. Niet zoals jij.’

‘Ik ben tweeënzestig jaar. Niemand wil me hebben. En als ze me willen hebben, kunnen ze mijn salaris niet betalen. Ik denk eigenlijk vooral dat laatste. Ik zing die paar jaar hier nog wel uit hoor. Genoeg uitdaging op mijn afdeling.’

‘Je zit opgesloten in een gouden kooi.’

‘Ik ben binnen vijf minuten thuis man. Tijd is alles. Mij hoor je niet klagen. Ik heb net een nieuwe dakkapel erop laten zetten op mijn huis. Ik ben blij met mijn leven.’

Ik knikte. Hij was blij met zijn leven. Waarom kon ik me niet blij voelen over mijn leven? Ik was slechts in tien minuten thuis. Dat scheelde een hoop tijd in plaats van een baan waar ik een uur voor moest reizen. Een korte reis maakte me niet gelukkiger dan een lange reis.

‘Jij ziet er niet happy uit’, zei hij. ‘Je kijkt vermoeid uit je ogen.’

‘Ik heb zoveel moeite met opstaan de laatste tijd’, zei ik. ‘Ze hebben me eindelijk te pakken denk ik. Ik voel me bijna verslagen. Ik zit er nog wel, maar ik vraag me af voor hoe lang.’

‘Laat je niet zo kennen. Doe dit werk nog een jaartje en je mag vast weer terug naar je oude functie of zo.’

‘Ik heb geen spijt. Ik dacht echt dat ze van me hield.’

‘Ja? Dacht je dat echt?’

‘Jij niet dan?’

‘Je was een tijdelijk vermaak. Je was de schreeuw om aandacht. En die aandacht heeft ze gekregen. Ja toch?’

‘Moet je mij nu zien’, zei ik. ‘Weggedegradeerd op deze afdeling. Ik vertik het om ontslag te nemen. Maar ik voel me echt zo moe de laatste weken. Misschien moet ik me gewoon ziekmelden.’

‘Dat maakt je net zo zwak als dat uitzendmeisje.’

‘Je hebt gelijk’, zei ik. ‘Ik weet zelf niet zo goed wat ik wil.’

‘Aan de andere kant. We kunnen een hoop leren van zo’n uitzendkrachtje. Deze mensen komen niet binnen om wat van hunzelf te maken. Die hebben geen trots zoals jij of ik. Ze komen voor het geld. En omdat ze alleen voor het geld komen, waarom zouden ze zich dan loyaal moeten gedragen? Ze hebben gelijk. Hier in dit bedrijf krijgen ze geen liefde. Het is een soort kip-en-ei-verhaal. Een band opbouwen met deze uitzendkrachten loont niet. Ze meer geld geven loont niet. Dit bedrijf is een tussenstation voor ze. En wij buiten ze uit omdat ze zo goedkoop zijn. Administratieve taken kan elke gek uitvoeren Peter. Elke gek. Je bent te goed voor deze taak. Je bent ook te trots. Wees gewoon onverschillig, zoals de uitzendkrachten. Net zoals dit bedrijf onverschillig naar ons kan zijn.’

‘Nee. Ik weiger onverschillig te zijn. Ze kunnen me maken, ze kunnen me breken. Ze kunnen me wegdegraderen. Maar ze kunnen niet mijn laatste beetje zelfrespect wegnemen. Ik ben niet onverschillig.’

‘Als je zo moe bent. Waarom stop je hier gewoon niet? Meld je niet ziek, neem gewoon ontslag. Ga wat doen met je talent. Voor wie doe je dit echt? Voor hem? Om je niet te laten kennen? Je hebt hem al geraakt. Keihard. Door met zijn vrouw een affaire te beginnen. Waarom voer je nog steeds die strijd dan?’

‘Voer ik niet’, zei ik.

‘Je bent niet jezelf.’

‘Ben ik ook niet. Ik wilde het gewoon een jaar volhouden. Ik wilde gewoon een jaar op de blaren zitten. Ervan leren. Tot nieuwe inzichten komen.’

‘Je zit verdomme al drie jaar op deze afdeling suf zinloos werk te doen.’

‘Ja. Nog één jaartje. Dan gaat hij met pensioen. Dan komen de kansen wel weer, toch? Dat is me door verschillende mensen toegezegd. Toch?’

Joey controleerde weer of zijn baardje nog aan zijn kin zat. Ditmaal knikte hij niet.

‘Tuurlijk. De verschuivingen komen altijd. De volgende reorganisatie wordt alweer voorbereid hoor. Het schuiven van poppetjes totdat de cijfers kloppen. Het is een vicieuze cirkel. Genoeg mogelijkheden. Ook voor jou. Maar waarom wil je zo graag hier blijven?’

‘Mijn grootste angst is hier een hartaanval te krijgen. Om te sterven onder deze TL-lamp.’

‘Laten we niet over dit soort dingen praten’, zei hij. ‘Praten over de dood maakt me somber.’

‘Moet je eens voorstellen’, zei ik. ‘Henry die op mijn begrafenis vertelt dat ik in het harnas ben gestorven.’

We begonnen beiden te lachen.

‘Zou dat uitzendmeisje ook komen op je begrafenis dan? Of zou ze te druk zijn met zichzelf?’

‘Ik zou het echt niet weten’, zei ik.

Het maakte me bedroefd. Ik wist oprecht niet of Larissa het waard vond om op mijn begrafenis te komen.

‘Wat een treurigheid weer’, zei Joey. ‘Ik houd je niet langer op. Ik zie je straks wel.’


🚬Je leest een verhaal uit de reeks Millennia
📖 Mijn nieuwste boek is op 1 november 2018 uitgekomen:  > Ze volgt me niet terug
📗 Ik heb een boek over Charlie geschreven: > Vrouwen die Charlie haten
📜 Bezoek m'n store met posters en boeken en stickers
📷 Foto via Rowena  Waack


Volg me via 📞WhatsApp. 1 op 1. Geen groepschat. Als ik wat geschreven heb, app ik je de link.

Doe dit en doe het goed:

  1. Voeg het nummer 06-44796441 toe aan je contactpersonenlijst
  2. Stuur vervolgens 'confetti AAN' met je voornaam naar mij of klik op deze link
  3. Verwijder dit nummer nooit en te nimmer uit je adresboek. Anders ontvang je geen appjes.

Als je er geen zin meer in hebt, app je me met de zin: 'Het is UIT'.