‘Waarom heb je je nog niet aangekleed?’ vroeg ze aan ma. 'Het is 15.00 uur.'

‘Voor wie zou ik me moeten aankleden? Voor jou? Voor wie zou ik de gordijnen open moeten doen? Voor de mensen die van buiten zo graag naar binnen staren? Voor wie zou ik ’s avonds de gordijnen weer dicht moeten doen dan? Voor diezelfde mensen die buiten lopen die dan opeens niet meer naar binnen mogen kijken?’

'Iemand zag je in je pyjama in de Hema lopen,' zei ze.

‘In de pyjama. Uit de pyjama. Wat maakt het uit? Wat maakt het echt uit? Ik voel me meer ontspannen in de nachtjapon. Ik doe niet meer mee aan die poppenkast. Waar hebben we het over? Het is stof om mijn lichaam heen. Om te bedekken wat hieronder zit. Omdat we dit kledingstuk gelabeld hebben als slaapoutfit, mag ik er niet de straat mee op? Wie bepaalt eigenlijk deze regels? Vertel me dat eens. Ik doe er niet meer aan mee.’

‘Gaat het wel goed met je ma?’ vroeg ze.

‘Uitstekend.’

‘Ben je nog naar de huisarts gegaan?’ vroeg ze.

‘Ik ben bij hem geweest, ja? Hij wilde me aan de pillen. Maar dat weiger ik. De farmaceutische industrie krijgt niets extra’s meer van me. Begrepen? Niets! Die blijven nog pillen in mij stoppen als ik dood in de kist lig om lijkontbinding tegen te gaan. Ik heb ze door! Ik heb ze door!’

‘Wat ben je toch opstandig,’ zei ze.

‘Iemand moet het doen,’ zei ma.

‘Heb je wel ontbeten?’, vroeg ze.

‘Intermittent fasting.’

‘Wat?', vroeg ze.

‘Zo noemen jullie dat toch tegenwoordig?’

‘Kan ik iets voor je doen?’, vroeg ze.

‘Zeg alsjeblieft wat je wil doen in plaats van het volledig bij mij neer te leggen, ja?’

‘Het gaat echt niet goed met je ma,’ zei ze.

'Joh.'

Dit zijn mijn bekentenissen. Je leest meer woorden van mij op papier. Ga naar http://store.psychokiller.eu