Op avonden waar ik me het meest alleen voel, pak ik een schoenendoos. Om te staren naar een foto van een mooie dag. Jij en ik. Op het strand. Selfie-modus. Dan komen de tranen. Het besef.

Dat tijd niet vast te pakken is. Dat er altijd een nieuwe dag volgt. Dat alles wat we vandaag hebben, morgen verdwenen kan zijn.

Ik weet wat je zei: laten we verdwijnen. Doen alsof de wereld niet bestaat. Alleen ons.

Onze lichamen. Onze stemmen. Opgaan in elkaar. We voelden het beiden. Dat we elkaars zwarte gat waren. Te angstig om eraan toe te geven. Omdat dan de rest van de wereld echt zou verdwijnen. We elke relatie in ons leven zouden verwaarlozen. Dat we geen energie meer staken in onze diploma's en loonsverhogingen.

Als we het geld hadden, waren we waarschijnlijk verdwenen, in een busje. Rijdend naar Zuid-Afrika of Zuid-Korea. Met alleen onszelf en de grote vraag wat morgen ons zou brengen.

Welke mensen we zouden ontmoeten en wat we zouden eten. Om elke nacht in elkaars armen af te sluiten. Te luisteren naar elkaars hart. Naar elkaars ademhaling. Wachtend op wie als eerste in slaap zou vallen.

Dus huil ik in bed en omarm ik deze foto. Het enige bewijs dat we ooit samen waren.

Het enige bewijs dat tijd stilgezet kan worden. Een milliseconde. Zodat ik er elke keer weer naar kan staren, als de melancholie van het leven me overvalt.

Ik mis dat wat we konden zijn.

Dit zijn mijn bekentenissen. Je leest meer woorden van mij op papier. Ga naar http://store.psychokiller.eu