Gepubliceerd tussen 26 juni 2012 - 13 november 2012

Koop het e-book Vrouwen die Charlie haten deluxe en ontvang episode 1 tot en met 10 in een mobielvriendelijke PDF erbij.

1. De dans

de dans

Ze wilde niet met me naar bed. Ze wilde voor me dansen.

2. Zes simpele stappen om ontslagen te worden

Blut. Nul. Nakkes. 0,0. Al mijn spaargeld, ooit gekregen toen ik zestien jaar was, nu verdwenen. Ik vond al vrij snel een baan dankzij een kennis uit het uitgaansleven. Het was een vrij simpele administratieve baan. Dat was ook het enige pluspunt.

Op de werkvloer heerste een judas-sfeer. Omdat de managers zelf incapabel waren om erachter te komen wie niet zijn werk goed deed (75 procent van de werkvloer), vond 25 procent van de werknemers het nodig om de 75 procent te corrigeren met schreeuwende, dreigende en bevooroordeelde e-mails.

Als de 75 procent vervelend terug reageerden was de stap naar de incapabele manager snel gezet en dreigde ontslag (waar het ook bij bleef.) Ik kreeg een e-mail van een collega Nicolien dat ik een poststuk bestemd voor een klant niet goed in een postbak had gelegd. Ik had het doorzichtig venstertje van de envelop naar beneden op de stapel gelegd.

Ai.

Dat had andersom gemoeten, betoogde zij, want dit kon eventueel misschien soms in het uiterste geval problemen veroorzaken bij de postkamer. Blijkbaar.

De corrigerende mail deed pijn, omdat ik niet kon geloven dat iemand zich hier druk over maakte. Het voelde vernederend en onrechtvaardig.

Toen heb ik uit protest op Google een plaatje van een magere negroïde man uit Afrika gezocht die duidelijk de symptomen van honger vertoonde en deze naar haar teruggestuurd, als protest dat er wel grotere problemen waren in de wereld dan het envelop venstertje.

Helaas kon ik niet weten dat de vrouw heel heel heel dik (met nadruk op heel) was en ze dacht dat ik haar belachelijk maakte om haar corpulent voorkomen. Dus was ik weerloos tegenover de incapabele manager en kort daarna werkloos.

3. Nicolette

Door haar kleine lengte, kinderlijk gezicht en hoge stem zou niemand haar 29 jaar geven.

Door haar kleine verhoudingen leken haar borsten enorme meloenen. Haar vriend kon onder invloed van alcohol ook maar twee plus punten opnoemen van haar.

Arme Nicolette.

Altijd vechtend tegen de vooroordelen en stomme grappen over haar lengte. Ze had intellect, maar niemand wilde het zien. Ze zagen een klein meisje met borsten. Viespeuken.

Ik had een groot zwak voor haar, maar ze nam mijn charmes niet serieus. Ze kende mijn reputatie. Ze kende mijn streken. Helaas.

4. Wakker worden in een vreemd bed

bed

Waar was ik beland? Wie was zij? Ik kende haar niet. Ze lag op haar buik, half naakt te slapen. Ik was naakt. Zou het?

Wat heeft een vrijpartij met een onbekende voor zin als ik het de volgende dag vergeten ben?

Waar was ik in godsnaam? Het was een studentenkamer. Duidelijk.

Bank, bureau bed en koelkast op een plek. Ik stond op en liep naar haar houten bureau.

Ik zag filosofische boeken liggen: Nietsche, Wittgenstein.

Oh God. Een intellectueel. Dat zijn de freaks. Te veel hersenen, te weinig levenservaring om te weten dat mannen het gewoon kunnen uitmaken. God, zo ging ze me nog stalken, omdat ze dacht dat neuken liefde was.

Ik moest hier weg. Uit de hel van mijn kater. Dorst. Ik moest weg voordat ze zou ontwaken.

*Pepsi. *

Onaangebroken. Op haar tafel.

Zou ik? Ze bewoog zich, in haar bed. Ze opende haar ogen. Ze zag me.
Pepsi. Weg. Nu. Nu! ‘Wat doe jij hier nog?’ zei ze.

‘Pepsi.’

‘De deal was erin en voor 9 uur wegwezen. Zo komt hij nog thuis! Oprotten!’

‘Wat?’

‘Oprotten!’

5. Ze wil me en wel nu

Ze keek naar me. Ik herkende haar ergens van. Maar van wat? Ze liep op me af. Wat moest ik doen?

‘Hallo’ zei ze.

‘Hoi fleur.’

‘Ik heet Klaar.’ verkeerd gegokt. ‘Als je eenzaam bent… Mag je mee komen…’

‘Juist. Om morgenvroeg je kamer uitgeschreeuwd te worden?’ Zei ik.

‘Dat weet je. Ik heb een vriend. Hij werkt altijd ’s nachts.’

6. De val

Het idee dat ik hiermee wegkwam was hoogmoed.

Natuurlijk zat ik in Klaar, toen hij onverwacht te vroeg thuis kwam.

Hij sleurde me naakt uit bed, gaf me een knal in mijn gezicht en gooide me toen uit het raam.

Toen sloot hij het raam en hoorde ik hem schreeuwen. Tegen haar. Ik rolde over het schuine dak naar beneden, kon me nog net vastpakken aan de goot, voor ik te pletter zou vallen.

Met mijn pielemans en harige kont hing ik aan de dakgoot van een studentenhuis in Kanaleneiland.

Wie ging mij redden? Wie wilde mij redden?

Vallen of naakt bewonderd worden door de stad. Ik moest een keuze maken.
Ik viel. En toen ik de grond raakte, bleek het allemaal realiteit.

7. Carnaval is over

Op de een of andere manier had iedereen – ik zeg – iedereen gehoord van mijn avontuur in mijn blote kont.

Ja, ik lag te krikken met Klaar terwijl haar vriend binnen kwam.

Ja, hij had me naakt uit het raam gegooid. Ja, ik had mijn stuitje zwaar gekneusd toen ik van het dak viel. Ja, haha.

Lachen… Klaar over.

8 Nacht voor Berlijn

Ik was de herrie ’s nachts, de verleiding van de alcohol in de ochtend en de zinloze 1 minuutgesprekjes omdat we elkaar 24 uur per dag zagen zat.

Het was tijd voor aparte verhalen en rust in mijn hoofd. Ik moest weg uit Utrecht. Ik moest weg uit het studentenhuis.

Berlijn zou de bestemming zijn. Mijn Berlijn

9. De poes

Mijn katers in de ochtend wendden nooit. De hoofdpijn, het ellendige gevoel dat je hele lichaam je gaf.

Uitgeput, spierpijn, de nadorst. Alsof een bulldozer zes keer over me heen was gereden.

Een constant stromende waterleiding naar mijn maag toe, zal me niet kunnen verlossen van de dorst.

10 Luchtverzakking deel 1

De nacht voor mijn vertrek naar Berlijn hadden we een kelder in de binnenstad afgehuurd en een feest georganiseerd met dj Torso en dj Howdy.

De op dat moment populairste dj’s van de ondergrondse scene in Utrecht.

De kelder was afgeladen vol en de meute juichte de twee dj’s toe alsof het popsterren waren. Het was een nacht om nooit meer te vergeten. Althans, dat zeiden ze.

Ik trok de hitte, de zweetlucht en sigarettenrook niet meer en vertrok vroeg in de nacht voordat het feest überhaupt begonnen was. Ik was niet eens dronken. Ik zwierf toevallig samen met Anja door de stad.

Ze was een goed verzorgde rustige meid met lang donker blond haar en grote bruine ogen. Ze had iets liefs en onschuldigs over zich.

Ze deed waar ze zin in had en daardoor was ze verre van onschuldig. Ik wist dat veel jongens gefascineerd waren door haar. Ik vond haar oppervlakkig.

Ik kende haar al drie jaar maar had nog nooit meer dan drie zinnen met haar gewisseld. Ze kon me niet echt interesseren. Ik denk dat haar uitstraling me weinig deed. Het zou wel wederzijds zijn geweest…

11 Luchtverzakking deel 2

Deze nacht was anders. Anja en ik wandelden door de stad en praatten over de mensen die we kenden met hun vreemde eigenaardigheden en de rare acties die ze hadden. We zaten voor meer dan een uur aan de Oude Gracht.

We deelden een blikje bier en rookten in een korte tijd elkaars pakjes sigaretten leeg.

Na die nacht kon ze me nog weinig boeien, alleen als we elkaar zagen keken we elkaar net iets langer en vriendelijker in de ogen aan en dachten voor een fractie van een seconden aan deze nacht terug.

Het was een bijzondere nacht die we samen nooit meer konden herhalen. Alles wat we aan elkaar te vertellen hadden, was op deze avond gedeeld. Meer zat er voor ons twee niet in.

We hadden het over jeugdzondes en hoe we naar de sterren in de hemel keken. Ze vertelde me dat haar vader overleed toen ze acht jaar was en haar moeder kunstenares was met een cocaïne verslaving.

Ze had in haar prille tienerjaren in tehuizen en gastgezinnen gezeten. Het enige wat ze nu wilde in haar leven was rust en regelmaat. Toen we beiden achter elkaar aan het gapen waren was de tijd om.

We keken elkaar recht in de ogen aan en we knuffelden elkaar innig als een bedankje voor deze bijzondere tijd samen. We beloofden elkaar om nog zo’n nacht door te brengen en beiden wisten we dat deze belofte nooit zou worden ingelost.

Nooit.

12 Aus Berlijn

Ik vertrok. Naar Berlijn. Met de trein. Voor een korte stop. Om vervolgens door te reizen naar de rest van Europa. Met mijn rugzakje. Ik kwam aan in de stad en kon niet weten dat ik er voor meer dan een maand zou blijven hangen.

13. Hostel killer

Ik ontmoette in een hostel in de wijk Kreuzberg een Russische blondine met hoge hakken uit Moskou. Ze was in Berlijn voor het avontuur; van haar make-up doos, haar kledingkast gepropt in twee koffers en een handtas vol handtasjes.

Ik hoopte dat ze me wilde. Omdat ik het nodig had. Ik kon haar weinig bieden. We verstonden elkaar nauwelijks. Ik wilde het geluid van de tv samengevat in twee worden: ‘Turning down’. Zij dacht aan de rode knop, ik gehoorzaamde twijfelachtig en drukte op de rode knop: tv uit. Zij schaamde zich. Ik zei streng: ‘That is turning off’ Toen waren we stil. Ik zei dat ze mooi was.

Zij begreep me niet. Ik geneerde me dat ze m’n compliment niet begreep. Toen kwam Gunter uit IJsland. Hij wisselde twee woorden met haar, we gingen met z’n drieën dansen in een club in Oost-Berlijn en vul de rest zelf maar in.

Gunter haalde drank voor haar en hemzelf. Ik probeerde te dansen met haar. Hij zat aan haar kont. Hij wees naar een schaars geklede dame met een te diepe decolleté en ik zei dat het ‘horny’ was. Toen zei Gunter tegen mijn Russin dat ik dat wijf geil vond, waarna ze me raar aankeek.

Toen ze begonnen te zoenen, ging ik aan de bar zitten. Dronken dronk ik mijn verdriet weg, om in het hostel op de slaapzaal wakker te worden en te merken dat ze niet bij elkaar in bed lagen. Voor wat het waard was.

Hostel killer.

14. Liefs uit Berlijn

Haar geur, haar gezeik, haar vochtige streken, haar misplaatste ondergoed, haar lieve arm om me heen.

Ik wilde neuken en wel nu.

Dus verleidde ik een niet te verleiden domme lolita met borsten die groter waren dan haar hoofd. Omdat ze erom vroeg met haar te strakke kleding en uitdagende blik. Omdat ze het wilde. Maar ik dacht aan Jessie. Ik miste haar, met een zoen, uit Berlijn.

15 Dansen in Berlijn

Hij serveerde me een glas whisky met ijsklontjes erin aan de verlaten bar in een ongezellig verlichte hotel aan de bar en amper twee uur later stond ik in een sauna discotheek te dansen met drie slanke Franse dames in los zittende jurkjes met een grote slang aan de onderkant van hun onderarmen getatoeëerd.

Dit was het meest vreemde feestje waar ik ooit was geweest, hier in West-Berlijn. Een blonde meid met een kort geknipt kapsel, had haar kuif naar links gekamd.

Haar blauwe ogen, elven oortjes en iets te rood gestifte lippen met haar blanke huid keken me zwoel aan.

Ze zoende me kort, glimlachte en stopte een ijsklontje in haar mond.

Ik achtervolgde haar, dwars door het dansende publiek heen en wilde weten hoe ze heette, hoe oud ze was en of ik bij haar mocht slapen.

Ze stopte bij de bar, keek me uitdagend aan en tikte ongeduldig met haar vingers op de toonbank. Ik zag dat ze nagels beet. Ik bestelde een martini voor haar en nam zelf een glas water. Ze vertelde me dat ze Sara heette en nadacht over een joint. Ze kwam uit Hannover en was toe aan een verzetje.

Ik stelde mezelf voor, maar ze had weinig interesse in wie ik was en waar ik naar toe wilde. Ze keek continue in de zaal van dansende mensen en negeerde mijn blik.

Toen beet ze op haar lip, keek me snel aan, gaf me een zoen en liep weg. Ik volgde haar met mijn ogen en zag hoe ze ging dansen met een jongen in een witte blouse met een donkere baard onder zijn kin en kaaklijn. Hij had een grote dunne grijze bril op en was iets gezet.

Hij danste dronken met een zo goed als leeg glas bier, terwijl hij haar in zijn armen nam. Hij ging achter haar staan en ze dansten samen op de muziek. Hij pakte haar vast bij haar buik.

Ze genoot en ze zag dat ik keek. Ze draaide haar hoofd om en begon de jongen te zoenen. Ik kon niet meer kijken en bestelde direct bij de bar een glas vodka lime.

Ik goot het in een keer naar achteren en liep weg van de danszaal.

16. Dansen in Berlijn deel 2

Een meid met een bol hoofd en prachtig blond loszittend haar keek me lang aan en vroeg hoe ik heette. Ze had een kort leren jack over haar zwarte jurk aan. Ik was gefascineerd door haar bolle toet.

Ze heette Anne en had zin om met me te zoenen. Ik zoende haar dunne lippen en stak toen mijn tong in haar. Ik voelde haar tanden en proefde de drank en mijn eigen sigaretten smaak. Ze zoende beroerd. Ze was blij dat ik haar gezoend had en zocht oogcontact met een vriendin van haar, hopend dat zij het had gezien. Ze vroeg nog een keer hoe ik heette en zei er direct achteraan dat ik mooi was.

‘Charlie,’ zei ik weer in haar oor. Ze vroeg me of ik haar over heel de wereld zou volgen. ‘Nee, waarom zou ik? Geen enkele meid is een achtervolging waard.’ Ze zette een pruillip op en zei dat ik gemeen was. Toen wilde ze me weer zoenen, maar daar had ik geen zin.

Misschien, later in de nacht, als er geen betere meiden waren te vinden. Op de dansvloer danste ik op Lou Reed, David Bowie en The Smiths. Ik danste en zag een slanke meid met een bruin getinte huid, lange zwarte haren en bruine ogen, licht opgemaakt met een roze kleur. Ze keek me aan en keek toen ongeïnteresseerd weg.

Een uur later zat ik uitgeput aan de bar, door een rietje een glas cola te drinken. Ze kwam bij me staan, Anne, met haar prachtige wenkbrauwen.

Ze leunde met haar handen op mijn boven benen en keek me aan en ik zag in haar ogen dat ze smeekte om een zoen, om haar vannacht bestaansrecht te geven. Haar glimlach was onschuldig en gelukkig.

Tussendoortje

Ze wilde me. Anne. De Duitser. Uit Hamburg.

We spraken vaker overdag af, omdat zij dat wilde en ik niets beters te doen had in Berlijn.

We zoenden, vaak. Ik bleef soms bij haar slapen. Ik kon het geen liefde noemen.

Anne was een tijddoder voor mijn eenzaamheid.

Utrecht leek ver weg. Ik miste het nauwelijks.

Zelfs de Psycho killer-feesten kon me weinig meer boeien.

17. De traan van Jozef

Ik was een maand in Berlijn en ik voelde me nog steeds niet thuis in het hostel. De reizigers kwamen en gingen. *Sommigen bleven wat langer. *

Toen ik ze als vriend wilde aanspreken, vertrokken ze. Ze beloofden zoveel en ze kwamen het nooit na. Ik was de vaste factor in het hostel.

Elke nacht dronken. Soms met Anne, vaak zonder.

Ik wilde leven. Ik wilde praten. Over mezelf. Het lukte voor geen vijf minuten. Want de clowns begonnen altijd over zichzelf.

Mijn verhaal werd een blanco papier. Het mooiste en lekkerste bed waar nog nooit iemand in geslapen had. Ik ging met een traan.

Niemand die me miste. Niemand die het zag. Ik nam afscheid van Anne en beloofde binnen een maand terug te zijn. In Berlijn. Eerst moest ik de rest van Europa verkennen. Mijn volgende bestemming was Praag.

18. Praagse lente

Op de Karelsbrug in Praag ontving ik een sms van Jessie.

De schoonheid van de duistere stad kon me weinig meer boeien.

Ze vroeg of ik haar haarborstel had gestolen en of haar roze string nog bij me lag.

Alsof ik nog gewoon in Utrecht was. Zou ze het vergeten zijn dat ik een tijdje wegging?

In mijn enthousiasme smste ik dat haar string niet in mijn backpack zat in Praag.

Ze antwoordde niet meer. Na twee dagen gaf ik de moed op en hield de obsessie op om elke vijf minuten op mijn mobiel te kijken of er iets was aangekomen.

19. De eenzaamheid van het Keleti station in Boedapest

Op het Keleti treinstation in Boedapest ontmoette ik haar heel kort en heb nooit meer iets van haar vernomen.

20. De eenzaamheid van de reiziger

Toen ik thuis was, wilde ik reizen. Om de angst voor de gewoonte breken.

Nu ik op reis was, wilde ik niets liever dan naar huis. Terug naar de mensen die ik verafschuwde. Terug naar mijn koelkast, mijn supermarkt, mijn bed.

*De mensen die ik ontmoette kon me weinig boeien. *

Verstrikt in taalbarrières ging het alleen maar over waar je roots liggen, waar je reis vandaan kwam en waar het naar toe ging.

Wissel wat sterke verhalen over vooroordelen van een land met elkaar uit en de oppervlakkigheid was compleet. Dus ik deed mee. Elke keer weer als ik nieuwe mensen ontmoette. Omdat ze om me lachten en me even mens lieten voelen.

Zweden: Op zichzelf

Duitsers: Luidruchtig en gezellig

Britten: Dronken.

Canadezen: Altijd uit Montreal.

Amerikanen: Gefascineerd door de Europese cultuur.

*Australiërs: *Party alarm

Belgen: Praten liever niet met Nederlandstalige.

Fransoos: Ondanks de wil om het te kunnen, blijft hun Engels beroerd.

Spanjool: Zelfs dronken niet te verstaan.

Italianen: Do you have Hasjes?

Oostenrijkers: Vreemder dan de Duitsers

Zwitsers: Snel te verwarren met een Oostenrijker

Portugees: Zo gek als een deur.

Serven: Fucking gypsies.

Alles uit Azië: Niet te begrijpen.

Ierland: Wil in elk gesprek benadrukken dat het Iers is.

Hollanders: Luidruchtig, lijken de Duitsers wel.

Denen: Beschaafd en accentloos

*Finnen: *Opethhhh

21. De budacrush

Hij wilde me. In het Gellert Hotel in Boedapest, waar zich een openbaar Turks zwembad bevond, vlakbij de brug.

Bovenop het dak, bij het golfslagbad zag hij me staan. Een magere weinig uitstralende verliezer.

Binnen, in het hete bad ging hij naast me zitten en met zijn armen bewegen, onder het water. Het duurde niet lang voordat hij mijn been aanraakte. En nog een keer. En nog een keer.

Ik vluchtte weg naar het bad waar ik baantjes ging trekken. Hij zat toen opeens aan de kant. Me aan te staren.

De homo. Ik negeerde hem.

Hij negeerde mij niet. Zelfs onder de douche was ik niet veilig voor zijn blik.

22. Schreeuwen in je slaap in Belgrado

‘Dans voor me Argentinië,’ zong de Servische van Nederlandse afkomstige dame zo vals in een bar aan de Donau in Belgrado dat ik spontaan een inzinking kreeg.

Ze hing om mijn nek, probeerde me meermalen te zoenen en wreef in het bij zijn van tientallen Europeanen over de bobbel in mijn broek.

Ze had een gebrek aan humor en een lelijke vagina.

Toch moest ik het van mezelf met haar doen. In een slaapzaal die ik deelde met 8 mensen, lag ik boven op haar in een oud gammel IKEA-stapelbed. Het was de meest waardeloze oncomfortabele sekspartij van mijn leven.

Ze viel halverwege de sekspartij dronken in slaap, terwijl ze ‘Don’t cry for me Argentinia,’ stamelde.

Beschamend.

23. Zagreb, maak me verdrietig

In Zagreb verveelde ik me uren alleen op de slaapzaal van 10 man.

Ik probeerde een boek te lezen, muziek te luisteren op mijn mp3-discman en een kaart te schrijven. Maar door de verveling kwam ik er nauwelijks aan toe.

Een Britse meid uit Newcastle praatte onafgebroken tegen mij, maar door haar accent verstond ik er niets van.

Ik miste Berlijn. Was ik maar daar. Ik ging even de stad in, maar het kon me weinig raken.

24 Verdwaald op een weg in Kroatië

De rust. Het viel me nu pas op hoe stil het was. Ik hoorde wind waaien, een auto honderden meters verderop rijden. De stilte. Ik hoorde mezelf bijna denken.

Daar stond ze opeens. Eigenzinnig, sigaret rokend, dun, met een blauw shirt flabberend om haar lichaam. Ze keek me eigenzinnig aan, alsof het haar weinig boeide wat een Hollander deed op een verlaten weg in Kroatië. Ze vroeg in het Engels of ik mee ging naar haar huis. Ze was niet veel ouder dan ik.

We liepen driekwartier op zanderige paden, door struiken en langs bomen. We klommen een heuvel op. Waar boven zich een groot huis bevond. Het zag er verlaten uit. Nergens ouders, een vriend of man. We zeiden weinig. We gingen de villa binnen. Het was er zo kalm en rustig dat ik me zo moe begon te voelen. Zo ontzettend moe.

Anjic schonk me een glas sinaasappelsap in, ging aan tafel zitten en roerde met haar vinger verveeld over de tafel. Ik vroeg haar wie ze was. Ze antwoordde met de vraag of ik gelukkig was.

*Ik zei: *Ja.

Toen vroeg ze: Waarom.

Toen ik antwoordde dat feesten mijn leven was, zei ze: Dus, zo eenzaam ben je.

25. De villa van Anjic

Ze heette Anjic. Als we praatten, ging het nooit gemakkelijk. Het voelde zo stroef. Alsof we beiden te verlegen waren om elkaar een fatsoenlijk verhaal te vertellen of fatsoenlijk te kunnen reageren. Als zij wat zei, praatte ik per ongeluk door haar heen.

Als ik echt wat belangrijks wilde vertellen, bleek ze mijn verhaal niet te snappen.

Ik bleef er dagen slapen. In de villa hoog op de heuvel.

Ik op de boekenkamer, zij in de grote kamer met tweepersoonsbed. Het was haar zomerbaan: Passen op het huis van haar tante.

Nee, ze nam nooit vreemden mee naar dit huis. Maar ze verveelde zich.

Haar vrienden waren overal, behalve in de buurt.

26. Geef me wat wijn en ik vertel je alles over de hemel

Zelfs toen we twee flessen wijn hadden gedronken, kwamen we niet dichter bij elkaar. Er was ook zo weinig te doen in de villa, behalve naar elkaar kijken.

Geen televisie, geen stereo, geen bordspelen. Wat deden de bewoners van deze villa het hele jaar…

Elke ochtend toen ik opstond nam ik me voor om weer verder te gaan met mijn reis. Maar de villa leek een hotel california werking op mij te hebben.

Ik miste The Eagles. Ik miste een* oppervlakkige dame. *

Anjic lulde uren door over de zin en onzin van het leven… En maar door en maar door. Toen kwam ze met dat boek aan en toen schreef Nietzsche dat.

Dodelijk vermoeiend…

27. Juni 11

Anjic had een artiestennaam voor zichzelf bedacht: Juni 11.

Ze wilde graag naar Hollywood. Actrice worden in Los Angeles.

Daar door stylisten aangekleed worden, naar privé feestjes gaan waar je als gewone sterveling nooit kwam en dan voelen dat je leven geslaagd is.

Toen ik vroeg waarom ze geloofde in deze oppervlakkige droom, antwoordde ze: Het echte leven is zo saai, dat mijn dromen over de toekomst me enige troost biedt.

28. De dromer

dromen

Anjic was een dromer. Omdat ze niet anders kon. Niemand leek haar te begrijpen. Zelfs ik niet.

29. Mijn leven is een ontsnapping van het feest

Anjic wilde weten waarom ik dacht dat feesten een ontsnapping was uit de realiteit. *Misschien was feesten wel de realiteit en was het echte leven overdag een ontsnapping… Vond zij. *

30. De droom van een American woman

Ik droomde over een blonde dame in de achterbak van mijn truck, rijdend op de eindeloze wegen van Amerika….

http://player.vimeo.com/video/33207334

31. Het afscheid van June 11.

Het leek haar weinig te doen dat ik weer vertrok.

Mistroostig, schouderophalend.

Alsof ze het al bij onze ontmoeting had verwacht dat ik haar weer teleurstellend zou verlaten. Ze gaf me een hand.

Niet eens een zoen. Zes dagen voor elkaar eten gemaakt, verhaaltjes verteld en elkaar aandacht gegeven.

Het was goed voor een hand.

Zou ze me nog herinneren over vijf jaar? Zal ik haar nog herinneren? Anjic. Zelfoverschattend quasi filosofische Kroaat met je lelijke kledingstijl.

Ik miste je. Al direct.

32. Fluweel ondergronds

Toen ik vrij onverwacht terugkeerde naar Berlijn, was Anne niet blij me te zien. In tegendeel. Ze had geneukt, met Hans uit Osnabrück.

Het boeide me niet. Ik was blut en in de war en ik wilde bij haar slapen in haar appartement, in Berlijn. Waar liefde moest zijn. Ik vergaf het haar direct.

Ik mocht blijven. Ze werd opnieuw verliefd op me. Ik werd verliefd op haar huisgenote Thea. Ze had een vriend, maar vond mijn aandacht interessanter. Ze hield van Lou Reed en Velvet Underground. Ik vond het cliché.

Dus zoenden we totaal onverwacht in de keuken, toen Anne aan het poepen was op de wc. Het was fijn. Thea vond van niet.

Ze schaamde zich.

Ik niet.

Ik zocht haar ’s nachts op en we zaten onder de dekens aan elkaar.

Toen had ze weer spijt.

Ik ging terug naar het bed van Anne en had seks met haar, met Thea in mijn gedachtes.

De volgende dag vertrok Thea voor een lange tijd, naar Boedapest.

Ze zei me geen gedag.

Ik wel: dag.

33. De avond dat ik mezelf terugvond in het riool

Ik miste thuis, omdat ik niets anders te missen had in Berlijn.

Ik miste Jessie omdat ze de enige was die zei dat ze me niet zou missen. Ik deed mee met een kroegentocht,* maar raakte de groep kwijt.*

Ik was verdwaald in een stad die niet van mij was.

Ik miste thuis, voor het eerst, omdat ik niets anders had. Ik stapte in een taxi, maar had geen geld. Ik stapte uit de taxi.

Ik slenterde rond en dacht na over alles en niets. Over de e-mails en brieven die ik niet had gekregen van de mensen die ik vrienden noemden in Utrecht.

Ik besefte dat ik de meest eenzame stumper van Berlijn was. Ik moest veranderen. Wat dat betekenen mocht.

Ik moest een wegkiezen naar de toekomst van mijn graf. Ik moest wat anders doen om mijn ziel rust te gunnen.

Ik moest iets, omdat ik iemand wilde zijn die ik niet was. Ik vond het appartement van Anne en haar huisgenoten pas 11 uur in de ochtend terug.

Ik sliep, ik sliep en sliep net zo lang totdat ik niets meer miste behalve mezelf.

34. Duitse golf

Muur, de reichstag, tv-toren, Brandenburg toren, Alexanderplatz. Ik vond het saai en inspiratieloos.

Ik haatte Berlijn. Omdat ik steeds meer zag dat het op Utrecht leek. De mensen, de winkels, de muziek. De Duitsers. De geschiedenis. Anne, met je bolle toet.

Ze gedroeg zich hetzelfde als alle dames: improviseerde overdreven gehijg in bed. Het gezeur om mijn rommel. Haar wens om duidelijkheid die ik niet van haar verlangde, maar gisteren nog wel.

Anne, laat me de wereld zien. En ik zal je belonen. Je stelde me voor aan je dementerende moeder. Laat me plezier en geluk zien en ik geef je volmaaktheid terug.

Je wees me je dronken vader aan, op het station. Geef jezelf bloot en de ware Charlie komt tevoorschijn.

Je vertelde me dat je wilde reizen, naar Azië, zoals iedere andere westerse meid. ‘Waarom ben je anders?’ Vroeg ze.

‘Omdat ik ook maar een verloren ziel ben die maar wat doet’. We zoenden tot de zon opkwam. Om haar die middag te verlaten, voor een boodschap in de supermarkt en ik nooit meer…

35. Feest van het welkom

Terug in Utrecht. Heerlijk.

Niemand had me gemist.

Toch gaven ze een welkomstfeest.

Ik werd zo dronken, dat ik drie dagen later nog alcohol uitpiste. Bedankt mannen!

Ik voelde me voor even bijzonder, tot ik erachter kwam dat het feest al lang gepland was voordat ze überhaupt wisten dat ik terugkwam.

Depressief. Alweer.

36. Verrassing van de geest

Ze stond voor de deur. In Utrecht.

Mijn deur.

Anne. De Duitser. Uit Hamburg. Wonend in Berlijn.

Ik schrok. Zij bleef rustig.

Ze legde uit dat ze langs kwam om me te zien. Ik had haar e-mails en smsjes genegeerd. Ja, ik was zonder iets te zeggen weggegaan uit haar leven in Berlijn. Fuck.

We dronken thee. Ze vroeg hoe het ging.
‘Goed’. Het ging met haar slecht.

‘Vervelend.’

Haar moeder was dood. Haar vader ook.

‘Vervelend.’

Ze verwachtte geen antwoord, maar toch wilde ze weten waarom ik weg was gegaan, in stilte. Ik hield het bij haar verwachting.

Toen hadden we seks, omdat ze daar vast wel aan toe was. Toen zei ze of ze bij mij kon blijven slapen, voor altijd. Ik pakte haar bij de haren, gooide haar de trap af en schopte haar het huis uit. Tsjuss Anne.

*Maar dat deed ik niet. *

Ze leek kwetsbaar. Kwetsbaarder dan welke vrouw ik ooit in mijn armen had. Ik zag dat ze me nodig had. Ik kon haar eenzaamheid door de dood van beiden ouders niet vervullen. Ik was een leugen, een egoïst.

Ik knuffelde haar en zei dat het goed kwam. Ze geloofde het niet. Ze huilde een rivier.

Ik probeerde haar te troosten, al kon ik me er niet volledig toe zetten.

We hadden te weinig gemeen. De volgende dag vertrok ze. Ik miste haar al direct.

37. Oogcontact in de trein

oogcontact

Wat wil ze. Waarom kijkt ze naar mij, met haar slanke benen in haar shorts. Ze draagt geen ring. Ik kan haar blik voelen. Ik kan haar blik niet aan. Ik staar naar mijn boek zonder te lezen. Ik zit me te bedenken wat ze van mij moet weten. Misschien wil ik met haar zoenen. Ze staat op en loopt langs me heen.

Niet kijken. Niet staren.

Ze komt terug. Ze raakt me aan met haar hand op mijn schouder. Ze buigt zich naar mij toe. Ik ruik haar parfum. Ik kan haar decolleté zien, maar weiger te kijken. Ze gaat naar mijn oor toe en fluistert: ‘Ik wil je broer ontmoeten.’