Kurt en ik zwegen beiden. Rachel stond precies tussen ons in.

We hadden dit gespreksonderwerp al anderhalf jaar genegeerd. Alsof het niet bestond. En nu was het opeens uitgesproken. Tegen een waardeloos mens zoals Rachel.

Het was een van de vele barsten in onze vriendschap. Ik had een hang naar vroeger toen we nog oké waren. Wij gingen nooit meer oké worden. Ik zag het in Kurts ogen. Het deed hem nog steeds pijn dat ik Rosalie had geneukt. Het was een van de mooiere avonden in mijn leven. En het deed hem gewoon pijn. Hoe kon ik spijt betuigen als het een avond was die ik graag over zou willen doen?

‘Ik wou dat ik een Kodakcamera bij me had. Die sombere blik op jullie gezichten.’ Ze nam een slok van haar bier. ‘Studeer je Kurt?’

‘Ik ben gestopt. Voor Psycho killer. Ken je het?’

‘Ja. Wel eens geweest. Loopt dat nog een beetje? Ik hoorde van iemand dat het laatste feest waardeloos was.’

Kurt keek me doordringend aan. ‘We moeten hier echt wat aan doen,’ zei hij tegen me.

‘Het is maar een mening. Bovendien is Rachel christelijk’, zei ik. (Zie Episode 7)

‘Wat wil je daarmee zeggen Charlie’, zei ze not amused.

‘Ja. Wat is je punt?’

Dit bedoelde ik. Kurt koos haar kant. We waren hier met z’n twee aangekomen. Ging hij nu met haar alleen weg? Zodat hij me kon achterlaten in dit café waar ik niemand kende en niemand echt begreep?

‘Ik ga daar weer zitten’, zei ik en wees naar het tafeltje bij het raam. Hopend dat ze me zouden volgen.

Ze bleven beiden staan alsof ik niets had gezegd. Ik plofte neer en keek uit het raam. Dan niet. Ik was mezelf. Ik had de groep niet nodig. Ik kon me wel vermaken hier, alleen aan het tafeltje in deze waardeloze kroeg.

Ik zag de zwerver aan de overkant van de straat naast de stadssingel een stelletje lastig vallen met zijn gebedel. Aan de gezichten van de twee te zien namen ze hem niet serieus. Dat moest hij toch ook zien? Dat leek mij het ergste wat me als mens kon overkomen. Met iemand proberen een gesprek aan te gaan en dan in hun gezichten zien dat ze je afwezen. Ik had het eens een keer toen ik met mijn veel te dronken hoofd een veel te jong meisje diep in de nacht op straat aansprak. De angst in haar ogen liet mij nog meer onzin uitkramen om te laten zien dat ik gewoon was. Ik was niet gewoon. Ik was ongewenst.

Net zoals de zwerver.

Ik keek naar Rachel en Kurt.

Ik was ongewenst.

Het enige wat ik wilde was persoonlijke aandacht van Kurt vannacht. Nu zat ik hier. Te staren naar hen beiden.


Mis niets. Ontvang het volgende verhaal direct in je mailbox


< Vorig bericht Volgend bericht >


Volg Psycho killer op Facebook, Twitter, Instagram