onbekend maakt onbemind

Het was half elf in de ochtend toen we brak in de metro terug gingen naar ons hostel en ik besefte dat ik eindelijk begreep hoe de wereld werkte.

We zeiden weinig. Het was stil in de metro.

Ik keek naar mijn vrienden en besefte me dat we een van de mooiste avonden in ons leven hadden meegemaakt. Maar het deed er nu niet meer toe. We wilden slapen. En als we wakker werden.

En als we wakker werden.

Dan dachten we aan het volgende feestje.

Het was onmogelijk om stil te blijven staan.

Daarom bestond het perfecte feest niet.

Omdat de herinnering vervaagde. Het gevoel van perfectie wat we even hadden, konden we nooit vasthouden. Het kon alleen maar vervagen. Door de tijd.

Door de waan van de dag.

Door nieuwe herinneringen.

Dat moment was voor even en nu geweest. Het zou nooit meer terugkomen.

Maar ik besefte me ook dat mijn woorden tegen Lucy haar herinnering nooit zou verlaten. Net zoals ik tot mijn 80ste zou denken aan de meid die ik nooit had gekregen: Sara.

Het goede vervaagde. Het slechte bleef achter. Net zoals de warme vingers van mijn moeder die mijn arm een uur lang kon kriebelen en me toen zoveel liefde gaf. Daar was nu niets van te zien.

Maar de hete thee die ze opzettelijk over mijn arm gooide omdat ik iets had gedaan wat ik niet had mogen doen, zou tot het einde der tijd te zien zijn.

Littekens blijven

En in een moment van helderheid leek ik het te begrijpen: ‘We leven om te lijden. Zodat we al onze littekens in onze ziel mee nemen naar het volgende leven.’

Mijn vrienden keken me sprakeloos aan. Sjoerd zei met een dubbele tong: ‘Ja. Absoluut man.’

‘Snap dat dan!’ Schreeuwde ik tegen Nik.

‘Pffff, laat me even dutten,’ antwoordde hij.

Ik keek om me heen. Maar niemand was geïnteresseerd in mij.

Een uur later lag ik in bed en vervaagde het gevoel dat ik de waarheid begreep.

Om uren later wakker te worden door de schoonmakers in het hostel en ik me druk begon te maken om onbelangrijke dingen.

//

EINDE EPISODE