ik ben depressief

Als alle meiden die ooit iets in mij zagen, wisten hoe ik werkelijk was, zouden ze dan nog hetzelfde gedaan hebben?

Wat zag Lucy in mij.

Hoe kwam ik van haar af.

Zoals Lisa vast ooit van mij af wilde.

Ze beantwoorde mijn telefoontjes bijna nooit.

Ze stuurde bijna nooit een e-mail terug.

Alleen als ik in mijn wanhopigheid er nog een achteraan stuurde.

Die ze vast beantwoordde omdat ze me zielig vond.

Ik was vijftien jaar toen ik verliefd op haar was. Maar het leek alsof het gisteren was gebeurd.

Wat wist ik van de wereld.

Nu was ik begin twintig en begreep ik nog minder van mezelf.

Hier was ik, in Berlijn. Op een feestje dat het beste feest van mijn leven moest zijn. Maar mijn vrienden leken niet meer op de vrienden die ik dacht te hebben.

Nu stond ze tegenover me: Lucy. Ik begreep wat ze voor mij voelde.

Omdat ik het ooit voelde voor Sara.

Ik kon haar liefde nooit beantwoorden.

Hoe kwam ik van haar af…

Ik moest haar de waarheid vertellen. Omdat Sara me nooit de waarheid wilde vertellen. Omdat ik drie jaar lang dacht dat het goed zou komen. En er ooit een moment zou komen dat ‘het’ ging gebeuren.

Ik moest Lucy de waarheid zeggen. Ik had het ooit verdiend, zij nu ook.

Op een plek waar het rustiger was. Waar frisse lucht me ruimte gaf om helder na te denken.

De waarheid.

< Vorig bericht Volgend bericht >