#28. De blauwe lavalamp gaf me het idee dat ik in de ruimte was

De blauwe lavalamp was het enige wat deze kamer in een duister blauw licht zette.

Een cd klonk op de achtergrond. Het leek op Duran Duran.

Iemand zat naast me. Ik hoorde haar rustig ademhalen.

Mijn gezicht werd gestreeld. Ik probeerde me te focussen op de kamer waar ik was, maar ik herkende niks. Het eenpersoonsbed lag zo lekker zacht. Ik wilde nergens meer heen.

Ik staarde met een half vochtig oog minuten lang naar de lava-lamp. Al die gekke vormen. Ze neuriede mee met Duran Duran.

‘Hoe laat is het,’ zei ik toen. ‘Waar is iedereen.’

‘De stad in,’ zei ze. De stem van Jennifer.

‘Waar is Hein.’

‘Wie is dat.’

‘Vriend van Chuck.’

‘Een kamer hiernaast.’

‘Wat aan het doen.’

‘Geen idee.’

‘Waar is je vriendin.’

‘Naar huis. Ze moet morgen studeren.’

‘Wat doe ik hier.’

‘Je viel flauw.’

Ik kreeg het opeens benauwd. Een gevoel dat ze me hier hadden achtergelaten in een smerige studentenflat. In Groningen. Ze mochten me niet verlaten hebben. Niet om het verlaten hebben, maar om me zo achter te laten alsof ik niets was. Zoals ze al de hele middag met me omgingen.

Ik schudde de dekens van me af en stond op. ’Wat doe je,’ zei ze geschrokken.

‘Waar is Hein zei je?’

‘Kamer hiernaast.’

Ik liep slaapdronken haar kamer uit en keek in een fel tl-verlichte gang. Het lag bezaaid met peuken, lege bierflesjes en kapot getrapte plastic bekers. Er was niemand te bekennen. Bovendien rook het naar oud bier en kots.

Het was doodstil.

Ik keek op m’n telefoon. 4:10 uur. Mijn keel was droog en schor, alsof ik uren had geslapen. Ik probeerde na te denken waarom ik hier stond. Direct een scheut in m’n maag. Mijn ademhaling ging omhoog en ik voelde me misselijk worden.

Ze hadden me verlaten.

Ik liep naar de deur naast haar kamer. Ik luisterde of ik iets hoorde. Ik twijfelde of ik moest aankloppen. Ik kon me vaag herinneren dat Chuck zei dat hier een vriendin woonde die aan het reizen was in Thailand.

Mijn ademhaling kreeg ik onder controle.

Ik schoof de klink zachtjes naar beneden. De deur piepte uit het slot en ging iets open. Door de kier heen zag ik duisternis: zo was dit de verkeerde kamer.

Ik stapte naar binnen, met al mijn zintuigen in hoogste staat van paraatheid. Ik zag niets, behalve een groen lichtje in de hoek van de kamer. Het leek op de koelkast.

Ik hoorde iemand zwaar ademen.

Toen fluisterende stemmen. Ik probeerde me te concentreren op de woorden: ‘staat daar nou iemand?’

Mannenstem. Het klonk niet als Hein.

’Doe dat licht eens aan.’

Een lamp werd aangeklikt, aan het eind van de kamer. Verblind bij het licht kneep ik mijn ogen dicht.

‘Wat? Charlie? Wat the fuck,’ zei iemand.

Ik zag op een eenpersoonsbed onder het raam twee naakte mannenlichamen in een rare houding boven op elkaar liggen. Missionaris-stijl. Chuck bovenop Hein.

‘Rot op gast!’ Schreeuwde Chuck. ‘Creep.’

De bliksem had me geraakt. Elke spier stond onder spanning. Ik kon geen kant op. Ik probeerde het te snappen wat ik zag, maar het lukte me niet om het te duiden in mijn hoofd.

‘Charlie. Wat doe je hier,’ zei Hein op een rustige toon.

‘Ik werd euh wakker. Ik dacht dat je... Hoe laat. Wat is het plan?’

‘Er is geen plan.’

‘Rot op gast!’ Schreeuwde Chuck. ’Hein. Laat hem oprotten.’

Ik draaide me om en liep de kamer uit. Weg van hier.


Mis niets. Ontvang het volgende verhaal direct in je mailbox

< Vorig bericht Volgend bericht >

Foto van Benjamin Askinas

Bestel nu

Tomson Darko

About Tomson Darko

Ik doe het altijd met condoom en gebruik nooit drugs. Bedenker en schrijver van Psycho killer blog. Je vindt me op huisfeestjes in de keuken. Schrijver van boek 'Vrouwen die Charlie haten'.

Comments